BOUDEWIJN I – GRAAF VAN VLANDEREN (ca 840-879)

Boudewijn, bijgenaamd Boudewijn I met de IJzeren Arm, is bekend als grondlegger van het graafschap Vlaanderen. Over zijn leven is niet zoveel bekend. Volgens recente publicaties was hij wel degelijk de eerste graaf van Vlaanderen die begon te regeren rond 862. Hij schaakte op Kerstmis 861 Judith van West-Francië, de dochter van de koning van West-Francië, Karel de Kale, die zich tegen het huwelijk verzette. Op 13 december 863 volgde toch het officiële huwelijk te Auxerre. Als onderdeel van de verzoening kreeg Boudewijn het bestuur over de pagus Flandrensis, het gebied rond Torhout, Gistel, Oudenburg en Brugge. Boudewijn bleek een succesvol bestuurder. Hij bouwde onder meer burchten en versterkingen te Arras, Gent en Brugge en wist hiermede de invallen van de Vikingen te stoppen. In 870 werd zijn bezit uitgebreid en was hij heer van geheel Vlaanderen en Ternois (Ternaas, noord Frankrijk). In 879 trok hij zich terug en werd monnik in de abdij van Sint-Bertinus in Sint Omaar (het huidige Saint-Omer) in Noord Frankrijk, waar hij ook werd begraven. Van de abdij is enkel nog een ruine bewaard gebleven. Op het Brugse stadhuis staat een beeld van hem.
Hij werd opgevolgd door zijn 15-jarige zoon Boudewijn II, bijgenaamd de Kale, genoemd naar zijn grootvader Karel de Kale.