KRONIEK VAN SINT-MICHIELS

VROEGER EN NU

✖

PRINS KAREL VAN BELGIĒ (1903-1983)

Karel Theodoor Hendrik Anton Meinrad (1903-1983), beter bekend als Prins Karel, was de tweede zoon van koning Albert I. Hij volgde een militaire opleiding in Engeland en aan de Koninklijke Militaire School en werd in 1933 benoemd tot kapitein-commandant in het Belgische leger. Hoewel hij grotendeels in de luwte leefde, bleef zijn levenswandel niet onbesproken. Zijn uitbundige levensstijl bracht hem al snel in conflict met zijn familie, vooral met zijn broer Leopold, de troonopvolger, met wie hij geregeld ruzie had.

Tijdens WO II leefde hij teruggetrokken in Brussel, vermoedelijk in een van de vleugels van het Kasteel van Laken. Over deze periode van zijn leven is weinig bekend. Hij vervulde vooral humanitaire taken en zette zich in voor het lot van krijgsgevangenen en hun families, Het huwelijk van zijn broer Leopold met het burgermeisje Liliane Baels (in 1941) vormde een nieuw breekpunt in hun relatie.

Toen de koninklijke familie en een deel van hun entourage op 9 juni 1944 naar Duitsland werden weggevoerd, trad Karel meer op de voorgrond. Zijn prestige nam toe toen bekend werd dat hij ondergedoken leefde en erin slaagde uit handen van de Gestapo te blijven.

Een deel van de bevolking verzette zich na de bevrijding tegen de terugkeer van koning Leopold III. Er werd openlijk gesproken over het instellen van een regentschap. Zowel binnen de regering (Pierlot) als in de pers werd enkel de naam van Prins Karel genoemd als een geloofwaardige kandidaat. Hij werd op 20 september 1944 door de Verenigde Kamers van België tot regent verkozen.

Karel moest zijn opdracht onder moeilijke omstandigheden uitvoeren. De zogenaamde “koningskwestie” zou nog vijf jaar aanslepen. Tien regeringen volgden elkaar op zonder tot een eensgezind besluit te komen over de terugkeer van Leopold en zijn toekomstige rol.

Uiteindelijk besloot de regering-Eyskens in maart 1950 een volksraadpleging te organiseren over de terugkeer van Leopold. Deze leverde het slechtst denkbare resultaat op: een nipte meerderheid sprak zich uit vóór zijn terugkeer, waarbij Vlaanderen massaal vóór terugkeer stemde maar Brussel en Wallonië zich overwegend tegen Leopold keerden.

Toen Eyskens, conform de uitslag van de volksraadpleging, de koning wilde laten terugkeren, stapten de liberale ministers uit de regering. Dit leidde tot de val van het kabinet en vervroegde verkiezingen. De nieuw verkozen CVP-meerderheid stemde opnieuw voor de terugkeer van Leopold. Twee dagen later landde de koning en zijn entourage in België met de bedoeling zijn koninklijke functies weer op te nemen.

Zijn terugkeer leidde echter tot massale betogingen, stakingen en gewelddadige onlusten, In Wallonië schoot de rijkswacht drie betogers dood; een vierde overleed later aan zijn verwondingen. Voor 1 en 2 augustus 1950 werd door tegenstanders een grote mars op Brussel aangekondigd. Onder zware politieke druk van de regering-Devieusart en in het besef dat geen enkele partij bereid was een nieuwe regering te vormen die zijn beleid zou steunen, besloot Leopold III zijn macht over te dragen aan zijn oudste zoon Boudewijn. Deze legde op 11 augustus 1950 de eed af. Daarmee kwam een einde aan het regentschap van prins Karel

Na zijn regentschap trok Karel zich volledig terug uit het openbare leven en verscheen hij niet langer in het gezelschap van de koninklijke familie. Hij leefde teruggetrokken in zijn villa op het koninklijk domein van Raversijde bij Oostende waar hij zich toelegde op tekenen en schilderen van portretten en landschappen.

Prins Karel is nooit getrouwd geweest. Hij overleed op 1 juni 1983 in Oostende en werd bijgezet in de Koninklijke Crypte onder de Kerk van Onze-Lieve-Vrouw van Laken, de traditionele begraafplaats van de Belgische koninklijke familie. Enkele archieffoto’s zijn hierbij toegevoegd.

Zoeken