ZORG EN WELZIJN
Zieken- en ouderenzorg
De bevoegdheid voor de organisatie en werking van de gezondheidsvoorzieningen ligt in België bij verschillende overheden. Dit is het resultaat van opeenvolgende staatshervormingen sinds 1970, waarbij het federaliseringsproces slechts gedeeltelijk werd doorgevoerd. De complexe bevoegdheidsverdeling leidt ertoe dat er acht ministers verantwoordelijk zijn voor de gezondheidszorg: 1 federale minister en 7 ministers op het niveau van de gewesten (Vlaams Gewest 1, Waals Gewest 2, Duitstalig Gewest 1 en het Brussels Gewest 3). In het tweetalige Brussels Hoofdstedelijk Gewest delen de Franse en Vlaamse Gemeenschap de bevoegdheden, wat de situatie extra ingewikkeld maakt. De historische achtergrond van deze federale structuur wordt hier verder buiten beschouwing gelaten.
De Federale Overheidsdienst (FOD) Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu en Welzijn is de federale instantie verantwoordelijk voor de organisatie en de financiering van de zorgvoorzieningen: de ziekte- en invaliditeitsverzekering, de bescherming van de volksgezondheid, het toezicht op de voedselveiligheid en de geneesmiddelen, de organisatie van de gezondheidszorgberoepen, de dringende hulpverlening en het crisisbeheer. Recente federale ministers waren Laurette Onkelinx (2007-2013) en Maggie De Block (2014-2020) die in 2020 opgevolgd werd door de huidige minister Frank Vandenbroucke.
Terwijl de financiering van de ziekenhuizen een federale bevoegdheid is, valt de erkenning en het toezicht op de Vlaamse ziekenhuizen onder het Vlaamse Gewest. Hierin speelt het Vlaams Agentschap Zorg en Gezondheid (VAZG) een centrale rol. De voornaamste taken zijn preventiebeleid, woonzorgcentra, verzorgingstehuizen, centra voor dagverzorging, geestelijke gezondheidszorg, zorg voor mensen met een beperking, eerstelijnszorg en hulp aan bejaarden. De eerste Vlaamse minister van Gezin en Welzijnszorg, Rika Steyaert werd op 22 december 1981 benoemd, toen de eerste bevoegdheden naar het Vlaams Gewest werden overgeheveld. Recente Vlaamse ministers van Volksgezondheid waren Jo Van Deurzen (2009-2019), Wouter Beke (2019-2022) en Hilde Crevits (2022-2024).
Handicapzorg
Een gelijkaardig federaliseringsproces heeft zich voorgedaan in de zorg voor personen met een handicap. De fundamenten van het Belgische beleid dateren van de jaren zestig. De zorg voor personen met een handicap was toen over drie departementen of parastatalen verspreid: het Ministerie van Sociale Voorzorg, het Rijksfonds voor de Sociale Reclassering van de Minder Validen en het Fonds voor Medische, Sociale en Pedagogische Hulp aan Gehandicapten (Fonds 81).
In tegenstelling tot de zieken- en ouderenzorg werd het federaliseringsproces binnen de sector voor personen met een handicap volledig doorgevoerd. Dit proces kende een complexe en langdurige ontwikkeling (te uitgebreid om hier volledig te behandelen) en leidde uiteindelijk in 2006 tot de oprichting van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap (VAPH). Dit is de Vlaamse overheidsinstelling die de sociale integratie van personen met een handicap bevordert. Officieel wordt een handicap gedefinieerd als “een langdurig en belangrijk participatieprobleem dat te wijten is aan het samenspel van mentale, psychische, lichamelijke of zintuiglijke aard, beperkingen bij het uitvoeren van activiteiten en persoonlijke en externe factoren. Tot de kerntaken van het Agentschap behoren: het toekennen van ondersteuning, het beheren van persoonlijke of persoonsgebonden budgetten, het vergoeden van hulpmiddelen en het verstrekken van advies.
De Vlaamse minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin, Hilde Crevits, is sinds juni 2024 de politiek verantwoordelijke.
Zorg en Welzijn in Sint-Michiels
In 2025 staan in West-Vlaanderen 20 ziekenhuisinstellingen onder toezicht van het VAZG, waarvan het Psychiatrisch Ziekenhuis Onzelievevrouw aan de Koning Albert I-laan in Sint-Michiels er één is. Het ziekenhuis is gespecialiseerd in de behandeling van mannen en vrouwen vanaf 16 jaar met verslavingsproblemen, psychotische aandoeningen, persoonlijkheidsstoornissen, depressieve klachten en andere intensieve psychiatrische zorgbehoeften.
Sinds 1970 nam de bevolking in de Brugse regio niet meer toe, terwijl het aandeel ouderen aanzienlijk is toegenomen. Ouderen leven steeds langer, vaak met niet alleen medische, maar ook sociale problemen. De toenemende druk op zowel de formele als informeleouderenzorg, werd en wordt steeds groter. In de Brugse regio staan inmiddels 14 woonzorgcentra (WZC) onder toezicht van het VAZG, waarvan 3 gevestigd zijn in Sint-Michiels: het WZC Ten Boomgaarde in Ter Beke, het WZC Sint-Jozef aan de Spoorwegstraat en het WZC Huize Vogelzang in de Witte Molenstraat. Samen bieden ze opvang en verzorging aan ongeveer 340 ouderen die niet langer zelfstandig kunnen wonen.
Naast direct financiële ondersteuning van personen met een handicap, erkent en subsidieert het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap (VAPH) een 14-tal instellingen of organisaties voor gehandicaptenzorg waarvan drie zich in Sint-Michiels bevinden: Unie-K aan de Chartreuseweg, dat intensieve ondersteuning biedt aan volwassenen met een meervoudige beperking, het Observatie- en Behandelingscentrum de Berkjes aan de Torhoutse Steenweg, een observatie- en behandelingscentrum voor kinderen en jongeren met gedrags- en emotionele problemen en het Dienstencentrum Ter Dreve aan de Koning Albert I-laan, een multifunctioneel centrum (MFC) waar zowel jongeren als volwassenen met een beperking terecht kunnen voor woonondersteuning, dagondersteuning of individuele ondersteuning.
Samengevat telt Sint-Michiels zes erkende zorg- en welzijnsinstellingen waarvan de geschiedenis hierna kort wordt geschetst.






