KRONIEK VAN SINT-MICHIELS

VROEGER EN NU

VALKENBOSDREEF

Situering

De Valkenbosdreef ligt in het Tillegembos, een groen recreatiegebied met een lange en gelaagde geschiedenis. Het bos vond zijn oorsprong in een middeleeuws domein dat toebehoorde aan adellijke families rond Brugge en groeide in de loop der eeuwen uit tot een belangrijk landschappelijk en historisch geheel.

De dreef is ongeveer 500 m lang, doodlopend vanuit de Torhoutse Steenweg en daardoor uitsluitend bestemd voor plaatselijk verkeer. Ze is 3 m breed en deels verhard met twee betonstroken op autowielbreedte (zogenaamde karresporen). Ze vormt de grens van het gelijknamige landgoed Valkenbos waaraan zij haar naam ontleent. De hoofdtoegang tot het landgoed en kasteel Valkenbos bevindt zich echter aan de Torhoutse Steenweg.

De dreef is aan één zijde bebouwd met een tiental vrijstaande residentiële villa’s met een perceeloppervlakte die varieert tussen de 2.500 en 3.700 m2. Vijf van de villa’s hebben hun toegang aan de Valkenbosdreef. De overige vijf hebben hun toegang aan de parallel lopende Platanendreef. Locatie en woningenbestand van de dreef zijn hierbij toegevoegd.

De dreef ontleent haar naam aan het aanpalende landgoed Valkenbos waarvan de geschiedenis kort wordt geschetst in een aparte bijdrage (zie Kastelen – kasteel Valkenbos).

Historiek

Het gebied van Tillegem was oorspronkelijk een onbewoond, moerassig gebied. Op een zandige verhevenheid ten noordwesten van het huidige kasteel Tillegem stond een houten toren, omringd door diepe aarden wallen en palissaden, die dienden als natuurlijke verdediging tegen de zee. Het domein was, waarschijnlijk om strategische redenen, persoonlijk eigendom van de eerste graaf van Vlaanderen, Boudewijn I met de IJzeren Arm.

De naam Tilleghem duikt voor het eerst op rond 1149 in een ongedateerde cijnsrol. Het grafelijke domein Tillegem werd in de loop van de 11e eeuw geschonken aan het huis Voormezele, een bekende Vlaamse adellijke familie. Onder welke omstandigheden en onder welke voorwaarden de graaf zijn persoonlijk bezit schonk aan de Heren van Voormezele, moet nog uitgezocht worden.

De heerlijkheid Tillegem beschikte naast het eigendom van de grond ook een beperkte vorm van zelfstandigheid met een eigen burgerlijk bestuur (burgemeester en schepenen), een eigen politie en zelfs eigen rechtspraak. Veel moet men zich daarbij echter niet voorstellen, rekening houdend met het feit dat er in het domein tot midden 19e eeuw nooit meer dan 35 huisgezinnen en 150 mensen hebben gewoond, waarvan de helft kinderen.

Tot het begin van de 18de eeuw bestond het domein grotendeels uit heide en moerassige vennen en vijvers die door de Heren van Tillegem in de loop der jaren droog werden gelegd en bebost. Zo verdwenen, de een na de andere, de straetvyver, de hooghvyverkens, de calvervyver, de wulfhuysvyver, de palinckvyver en de coyvijver.

Het huidige landgoed Valkenbos is gesitueerd op de plaats van de vroegere wulfhuysvijver. Over deze vijver is weinig met zekerheid bekend. De ommeloper van 1673 vermeldt wel het bestaan van een nabijgelegen hofstede met de naam “Het Wulhuys”, eigendom van Pieter Loontkens. Onder welke omstandigheden en onder welke voorwaarden deze eigendom werd verworven van de Heer van Tillegem moet nog uitgezocht worden.

In de loop van de zeventiende eeuw werd maar een klein deel van het omliggende bos en heideveld ontgonnen. De opbrengsten bleven structureel te laag om de hofstede zelfstandig leefbaar te houden. Bewoning werd wel voortgezet, maar agrarisch gebruik nam af en raakte in onbruik.

Begin 19e eeuw kwam de oude hofstede in bezit van Felix van Zuylen de Nyevelt (1796-1852) gehuwd met Marie-Anne de Schietere de Loppem (1797-1859). De laatste landbouwer van het neerhof, Pieter de Langhe, was al in 1831 overleden. De daaropvolgende pachters staan in de bevolkingsboeken bekend als werkman of landarbeider.

Ter gelegenheid van het huwelijk van Felix’ dochter Marie-Anne van Zuylen met August Kervyn de Lettenhove (1815-1896) in 1847, werd bij het oude neerhof een zomerpaviljoen gebouwd. De oorspronkelijke neerhofwoning werd een concierge- en hovenierswoning.

De erfgenamen Kervyn verkochten het landgoed in 1908 aan Emmanuel van Outryve d’Ydewalle (1868 1954) gehuwd met Marie-Josephe van den Peereboom,(1875 1961), bewoners van kasteel Peereboomveld “aan de overzijde” van de Torhoutse Steenweg. Emmanuel was doctor in de rechten, gemeenteraadslid en schepen van de gemeente Sint-Andries, maar was vooral actief als bosbouwkundige en voorzitter van talrijke landbouworganisaties. Hij bouwde het zomerpaviljoen uit tot een kasteel dat hij de naam Valkenbosch gaf, afgeleid van een oud plaatselijk toponiem “Valkenbergh”.

Het kasteel werd in 1928 gesloopt om plaats te maken voor een meer comfortabel landhuis dat in de Brugse erfgoedinventaris omschreven wordt als een “bepleisterde en witbeschilderde baksteenbouw onder pannen mansardedak”. Een zoon van Emmanuel, Joseph van Outryve d’Ydewalle (1906-1990), nam er zijn intrek met zijn bruid Louise-Marie van Caloen (1907-1976). Joseph was de broer van gouverneur Pierre van Outryve d’Ydewalle en net als zijn vader, landbouwingenieur. Landgoed Valkenbos bleef nog in de familie van Outryve tot 2014, toen het door de erven van Outryve verkocht werd aan een bouwheer uit Koksijde.

Ondertussen waren al stukken van het landgoed verkocht. In 1957 werd, langs de toenmalige grens van Loppem met Sint-Michiels, een strook grond van circa 500 m lang en 75 m breed verkaveld langs een nieuw aangelegde dreef die de toepasselijke naam Valkenbosdreef kreeg. De verkaveling bestond uit een tiental bouwloten waarvan vijf met toegang in de parallel lopende Platanendreef en vijf in het verlengde deel van de dreef. De eerste villa’s (Valkenbosdreef 5 en 7) dateren van 1965 en 1966.

De dreef was aanvankelijk een onverharde private weg die uitsluitend toegang gaf tot de bouwkavels en de conciërge-hovenierswoning en niet aan de gemeente Loppem werd overgedragen. Na de fusie van de Brugse randgemeenten in 1971 en de daaropvolgende grenscorrectie met Sint-Michiels, kreeg de dreef het statuut van een vrij toegankelijke openbare weg. Het onderhoud is sindsdien door de stad Brugge verzorgd en op kosten van de stad voorzien van een karrespoorverharding.

Kort na de verkoop van landgoed Valkenbos kwam het oude neerhof- conciergewoning nog in het nieuws, toen de toenmalige 66-jarige bewoner om het leven kwam in een verwoestende brand.

Pages ( 1 of 3 ): 1 23Next »
Zoeken